Verhaal

Hier komt het verhaal van de blinde, de melaatse en de kale man

Er waren eens drie zwaar beproefde mannen: de één was melaats, de tweede kaal en de derde was blind. Ze bezaten nauwelijks iets en leefden aan de rand van de samenleving. Op een dag stuurde God een engel naar hen toe.
De engel ging eerst naar de melaatse en vroeg hem: “Wat verlang je het meest?”. De melaatse antwoordde: “Een gezonde huid, zodat mensen mij niet meer mijden.” De engel raakte hem aan en hij werd gezond. Daarna vroeg de engel: “En welke rijkdom zou je willen?” “Kamelen,” zei hij en hij kreeg prompt een drachtige kameel.
Toen ging de engel naar de kale man en vroeg hem: “Wat verlang je het meest?”. “Mooi haar, zodat niemand mij meer bespot.” De engel raakte zijn hoofd aan, en zijn haar groeide terug. Hij vroeg ook om vee en kreeg een drachtige koe.
Tenslotte ging de engel naar een blinde man en vroeg hem: “Wat verlang je het meest?”. “Dat God me mijn zicht teruggeeft, zodat ik mensen weer kan zien.” antwoordde de blinde. De engel raakte zijn ogen aan zodat hij van zijn blindheid genas. De blinde man vroeg ook om schapen, en alras ontving hij een drachtige ooi.
Later kwam de engel terug. Hij vroeg aan elk van de drie mannen om een dier van hun inmiddels grote kudde af te staan. De melaatse en de kale man weigerden allebei. Hun bezit was immers hun bezit. Geen slimme zet. De ene werd weer melaats en de andere kaal en beiden verloren hun kudde. De blinde man gaf wél een dier, zonder aarzelen. De engel complimenteerde hem namens God. Deze man behield zijn bezit en zijn zicht. (een bewerking van een verhaal uit de Sahih al-Bukhari, Boek Ahadith al-Anbiya’ (De Profeten), hadith nr. 3464 )

Dankbaarheid in de islam is niet alleen een gevoel, maar een manier van leven: erkennen dat alles een gave is, niet vergeten wie je was, delen met anderen wat jou gegeven is, en God niet vergeten wanneer het goed met je gaat. In dankbaarheid ligt het  besef dat er je iets ‘vrij wordt gegeven’.